Copy
In deze nieuwsbrief:  
1. oogstdag: zondag 30 augustus
2. de biedermeier toerenkast
3. nieuwe tentoonstelling: "De oogst"
4. Sefke
5. tentoonstelling: "Jager versus Koopjesjager"
6. tentoonstelling: "Wie wat bewaart..."
Zondag 30 augustus: oogstdag

Deze dag draait het om het verwerken van de oogst, zoals dat vroeger gebeurde. De bezoekers maken kennis met malen, dorsen, vlegelen, hekelen enzovoorts.

Er zijn verschillende machines in bedrijf: maisdorser, dorskast, trieur (om graankorrels te sorteren), maalmolen en haverpletter. Je kunt zien hoe je een dorsvlegel gebruikt en hoe je vlas verwerkt. Verschillende machines met stationaire motoren en ouderwetse tractoren geven een authentieke sfeer aan het geheel. Op het buitenterrein keer je terug in de tijd van vroeger door alle geluiden en geuren. De kapel wordt versierd. Kinderen maken leuke schilderijtjes met verschillende graankorrels
Het is een bijzondere traditie, om op deze manier een stukje verleden levend te houden.

Daarnaast zijn de brouwers aan het werk in het brouwhuis en de smeden in de smidse. Ook zijn de spinsters aan het werk. En in het aspergepaviljoen draait de veilingklok.
In de kiosk wordt een muzikaal optreden verzorgd door de groep Lazy Chair.
De Biedermeier Toerenkast
In een hoek van de beste kamer staat een antieke toerenkast te pronken.

Dit soort kasten werd vroeger gebruikt om de chique toeren en mutsen te bewaren. 
Dit meubelstuk heb ik destijds gekocht van verzamelaar Wiel Nabben in Tienray, die de kast in onderdelen in een oud kippenhok had staan. Na enig onderhandelen kocht ik de kast voor 400 gulden, het was het model waar ik al enige tijd naar op zoek was, speciaal voor de inrichting van het museum.

Duur genoeg, want er moest het nodige aan gerestaureerd worden, om hem toonbaar te kunnen opstellen in het museum. Oude verflagen werden verwijderd en houtwormgaatjes opgevuld, al met al een flink karwei. De restauratie heb ik, thuis in de loods, samen met mijn vrouw Nellie in 1988 uitgevoerd. 
Een bijzonderheid van de kast was, dat er een geheime la zat ingebouwd, dit had ik bij de koop niet opgemerkt, bij de restauratie kwam deze pas tevoorschijn.

Onder in de laden liggen tussen blauw papier, om verkleuring te voorkomen, de toeren en mutsen, bovenin hebben wij het beste servies opgesteld. Vroeger lag bovenin dikwijls de voorraad linnengoed te pronken. Er stond achter de gesloten deur een fles jonge klare. Als er dan bezoek kwam werd er gastvrij gevraagd, “lust je een borrel?” Dan ging de kast open en werd het linnengoed zichtbaar, het was een soort status om een behoorlijke linnenvoorraad te hebben! 

Piet Lenssen
De oogst

Tot de tweede helft van de vorige eeuw was het oogsten een heel karwei. De hele buurt schoot te hulp bij het binnenhalen van de oogst. Wachtend tot de weersomstandigheden gunstig waren, werkte men met man en macht. Iedereen, die beschikbaar was, hielp mee.

Eerst werd het graan met een kort zeis ( zicht) gemaaid. De vrouwen en meisjes bonden het gemaaide graan tot schoven (garven). Die schoven werden daarna dakpansgewijs tegen elkaar gezet om te drogen. Wanneer deze goed droog waren werden ze met een riek (gaffel), voor het vervoer, op een wagen geladen, om ze vervolgens in de schuur of op een hooimijt op te slaan. In de wintermaanden werd het graan gedorst. Naderhand nam de maaimachine, voortgetrokken door paarden, het werken met de zeis over. Het binden gebeurde nog handmatig. Nog later kwamen maaimachines, die het koren kant en klaar afleverden.

Het was dus zwoegen in de oogsttijd. Een goede oogst was en is voor de boer van groot belang, zijn bestaan is ervan afhankelijk. Het oogsten was echter ook een gezellige aangelegenheid. Tussen de werkzaamheden door ging men in de pauze lekker bij elkaar op het veld zitten om het meegenomen brood op te eten en koffie te drinken.

De samenwerking bij het oogsten was goed voor de onderlinge verhouding in de boerengemeenschap met als sluitstuk… het oogstfeest!

De tentoonstelling die aan dit onderwerp is gewijd,  vindt u in het textielpaviljoen.
Sefke

Waarschijnlijk ken je Sefke al van onze virtuele speurtocht die de kinderen zelfstandig, of met hun (groot)ouders via de mobiele telefoon kunnen maken. (Scan de QR-code op de folder of ga naar delocht.nl/speuren) Maar Sefke doet meer. Hij geeft in het museum de plekken aan waar kinderen actief bezig kunnen zijn, iets kunnen doen.

Wil je wind maken, draai dan aan de hendel van de machine, die vroeger gebruikt werd om het kaf van het koren te scheiden. Breng de weegschaal in evenwicht of maak een ritje op het hobbelpaard.

Normaal mag je in een museum nergens aankomen, maar op de plaatsen waar dit kan en mag, geeft Sefke aan welke activiteit je op die plek kunt doen. Veel plezier!
Tentoonstelling: "Jager versus Koopjesjager"

We jagen op koopjes en welvaart. Voor de toekomst van onze kinderen zouden we meer moeten leven als jager, in harmonie met onze omgeving.

Onze voorgangers, jagers, leefden van wat de natuur hen gaf op hun tochten door het landschap, zoals bijvoorbeeld bessen, honing, noten, insecten en andere kleine dieren. Jagers werden boeren waardoor ze vaste woonplaatsen kregen. Ze omringden zich met gewassen en dieren om van te leven. Zo hebben onze voorgangers vele eeuwen geleefd, in harmonie met de natuur.

Al 200 jaar geleden probeerden boeren de productie te verhogen. Die ontwikkeling kwam in een stroomversnelling door de invoering van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Toenemende groei van consumptie in een steeds welvarender wereld was het nieuwe perspectief.

Pas in de zeventiger jaren van de vorige eeuw beseft men dat er grenzen zijn aan groei, in toename van de wereldbevolking, industrialisatie, voedselproductie, uitputting van grondstoffen en milieuvervuiling. De jagers en boeren van weleer zijn veelal consumenten geworden. We willen meer en meer… Steeds meer raken we er nu van overtuigd, dat ons consumentengedrag moet veranderen. Kunnen we de toekomst van iedereen waarborgen door slechts datgene te kopen, wat nodig is en wordt gemaakt met respect voor mens en milieu? Kunnen we op deze wijze de toekomst van onze kinderen waarborgen?

In deze tentoonstelling proberen we de ontwikkeling van zelfvoorziening tot bewuste consument te verbeelden.
Tentoonstelling: "Wie wat bewaart…"

Wanneer je een blik werpt in de kelder van de oude boerderij in Openluchtmuseum de Locht, zie je een hele voorraad staan.

Om in tijden van schaarste toch voldoende op tafel te krijgen en omdat je in tijden van overvloed niet alles kon consumeren, werden groente, fruit en vlees geconserveerd. Het voedsel bederft dan minder snel en mensen worden minder snel ziek. Ongewenste bacteriën, schimmels en gisten worden door conserveren gedood of de groei ervan tot stilstand gebracht.

Het grootste gedeelte werd tot halverwege de vorige eeuw “geweckt”, gesteriliseerd in glas in een weckketel. (Genoemd naar de ondernemer Weck). In de kelder zien we ook twee grote Keulse potten staan. Daarin zaten snijbonen en zuurkool. De snijbonen werden ingelegd in zout, bij de versnipperde witte kool kwam ook nog een scheut karnemelk. Suiker, alcohol en zuur werden ook gebruikt om te conserveren, denk aan jam, kersen op brandewijn en augurkjes in het zuur. Worsten en bonen liet men drogen, ham werd gerookt en gedroogd. De hammen en worsten hingen op zolder en boven het fornuis.

Rond de 60er jaren begon men producten in te vriezen. Bij die methode en door de snelle verwerking blijven meer smaak- en voedingsstoffen behouden. Tegenwoordig maakt men gebruik van hogedrukpasteurisatie wat de smaak nog meer ten goede komt.

Deze tentoonstelling is nog enkele maanden te zien.
Openluchtmuseum de Locht Broekhuizerdijk 16d 5962 NM Melderslo
Open: april t/m oktober 10.00 u. - 17.00 u.;
november t/m maart woensdag , zaterdag, zondag 10.00 u. - 17.00 u.
T 077-3987320 (best bereikbaar van 09.00 tot 12.00 u.)
info@delocht.nl - www.delocht.nl/